Lopende projecten

Het Van Praag Instituut is als partner betrokken bij diverse onderzoeks- en ontwikkelprojecten op het gebied van complementaire zorg integrative medicine/nursing. In onderstaande volgt een overzicht van lopende projecten.

INES: Integrative Nursing Education Series

Veel voorkomende (chronische) klachten als pijn en angst worden vaak medicamenteus behandeld, soms met bijwerkingen, overbehandeling en hoge (maatschappelijke) kosten tot gevolg. De inzet van non-farmacologische en complementaire opties is daarom interessant, zeker als deze voldoende evidence based en veilig zijn. Binnen de verpleegkunde maakt de beweging van ‘integrative nursing’ zich daar sterk voor.

In het Europese INES project werken verpleegkundedocenten en onderzoekers uit vier Europese landen samen. Doel is het ontwikkelen van een handboek over integrative nursing voor docenten in het Europese verpleegkunde onderwijs, zodat toekomstige verpleegkundigen meer kennis en kunde hebben om patiënten te begeleiden bij het veilig en effectief gebruik van non-farmacologische en complementaire interventies. Het 3-jarig project bestaat uit vier fasen.

  • In kaart brengen wat er in Europese landen al aan onderwijs op dit gebied gegeven wordt en een literatuur review naar onderwijsprogrammas over complementaire zorg.
  • Ontwikkelen van een competentieprofiel over wat een verpleegkundige moet kunnen en kennen in relatie tot (communicatie over) complementaire zorg. Dit wordt getoetst in twee Delphi rondes onder een internationaal expert panel.
  • Schrijven van het handboek, bestaande uit 3 series met elk 3-4 modules, aan de hand van het INES-model voor integrative nursing.
  • Beschrijving van het proces met de geleerde lessen uit dit project en een routekaart naar implementatie. Het Engelstalige handboek komt vrij beschikbaar als dynamisch pdf-document.

Zie ook: erasmus-plus.ec.europa.eu

Duur: 2019-2022

Projectpartners: ErasmusMC Sectie Verplegingswetenschap Afdeling Interne Geneeskunde en Kinderchirurgie Van Praag Instituut VIA University Colleges (Denemarken) Karolinska Institutet Department of Neurobiology Care Sciences and Society (Zweden) University of Iceland Faculty of Nursing and Midwivery (IJsland)

Publicaties:

  • Gunnarsdottir TJ, Van der Heijden MJE, Busch M, Falkenberg T, Hansen T, van Dijk M, Lunde A. What are nursing students taught about complementary therapies and integrative nursing? A literature review. EuJIM. 2022 June; 102138. doi: doi.org/10.1016/j.eujim.2022.102138.
  • Van der Heijden MJE, Busch M, Gunnarsdottir TJ, Lunde A, Falkenberg T, van Dijk M. Educational courses on non-pharmacologic complementary interventions for nurses across Europe: The INES mapping pilot study. Nurse Educ Today. 2022 Sep;116:105419. doi: doi.org/10.1016/j.nedt.2022.105419. Epub 2022 May 26. PMID: 35691113.
COCOZ Proeftuinen

Samen met 6 beroepsorganisaties voor complementaire zorg, hebben het Van Praag Instituut en Louis Bolk Instituut het landelijke COCOZ project uitgevoerd, een project over communicatie en verwijzing complementaire zorg. Tussen 2016-2019 heeft dit project een aantal tips en tools opgeleverd waarmee complementaire behandelaren en huisartsen elkaar beter kunnen leren kennen en samenwerken. Inmiddels zijn er vele ontwikkelingen gaande op het gebied van complementaire zorg. Leefstijl en preventie worden steeds serieuzer genomen als belangrijke thema’s rond gezondheid, ook in de GGZ. Er is het Consortium Integrale Zorg en Gezondheid van 6 reguliere zorgorganisaties, dat ervaring opdoet met poli’s ‘integrale oncologie’ en ‘integrale kindergeneeskunde’. Bij deze poli’s horen lokale/regionale verwijscircuits van complementaire behandelaren. In de COMMON studie (zie verder op deze pagina) wordt in 3 ziekenhuizen onderzocht wat patiënten en artsen/verpleegkundigen nodig hebben om het gesprek over complementaire zorg bij kanker te kunnen voeren. Het patiënteninformatieplatform Kanker.nl heeft haar dossier complementaire zorg geactualiseerd en uitgebreid, omdat er veel vraag naar is bij patiënten. Dit alles betekent dat de behoefte aan communicatie over complementaire zorg groter wordt en daarmee ook de samenwerking tussen reguliere en complementaire behandelaars.

Daarom is er in 2022 een uitbreiding van het COCOZ project gestart met de COCOZ Proeftuinen. Een proeftuin biedt deelnemers de mogelijkheid om samen nieuwe ideeën te operationaliseren en door te ontwikkelen, in dit geval om een goede basis te leggen onder de benodigde samenwerking en daarvoor praktische tools (verder) te ontwikkelen.

Er zijn drie regionale proeftuinen ingericht, in de regio’s Amsterdam, Utrecht en Noord-Nederland. Daarin zijn vertegenwoordigers van 15 verschillende complementaire behandelwijzen vertegenwoordigd (grotendeels in de psychosociale zorg). Samen met vertegenwoordigers van 5 reguliere disciplines (huisarts, medisch specialist, fysiotherapie, GZ-psycholoog, POH) werken zij aan aanpassing en uitbreiding van de bestaande COCOZ-tools en de implementatie ervan. De complementaire zorgverleners komen daarnaast nog apart bijeen om de onderlinge samenwerking te bevorderen. Een klankbordgroep van zowel complementaire als reguliere behandelaars (met name huisartsen en bedrijfsartsen) kijkt mee met de (tussentijdse) resultaten.

Zie ook: www.louisbolk.nl

Duur: 2022-2024

Projectpartners: Louis Bolk Instituut Van Praag Instituut RBCZ (Register Beroepsbeoefenaren Complementaire Zorg)

COMMON-studie

De COMMON-studie betreft het project ‘Make open Communication about evidence-based Complementary Medicine part of routine oncology practice; the participatory development of supporting tool’. Doel van de COMMON-studie is het vergroten van de kennis, bespreekbaarheid, toegankelijkheid en veilig en passend gebruik van complementaire zorg in de oncologie in het algemeen en in de behandeling van borstkanker in het bijzonder.

De meeste patiënten met borstkanker maken naast hun reguliere behandeling gebruik van complementaire zorg zoals yoga, mindfulness of voedingssupplementen. Niet iedereen is op de hoogte van wat cz voor hen kan betekenen. Daarnaast is het gebruik ervan niet altijd zonder risico. Het is dus van belang verwachtingen, behoeften, kwaliteit en effectiviteit van cz goed te bewaken. Een voorwaarde hiervoor is een open dialoog tussen patiënten en reguliere zorgverleners, naast kennis en beschikbaarheid van effectieve cz. Echter, 30% van de patiënten met borstkanker die cz gebruiken bespreekt dit niet met haar behandelaar. Artsen weten niet wat patiënten in dit opzicht van hen verwachten en welke bronnen voor veilige en effectieve cz zij kunnen raadplegen.

Bij de COMMON-studie wordt samengewerkt met co-onderzoekers (patiënten of ex-patiënten). De COMMON-studie bestaat uit zes fasen:

  • Inventariseren van factoren die op het niveau van het ziekenhuis het bespreken en implementeren van cz in de oncologie in de weg staan en faciliteren: interviews met managers en zorgverleners.
  • Observeren hoe cz met patiënten met borstkanker wordt besproken: secundaire analyses van gemaakte audio-opnames van consulten tussen patiënten met borstkanker en hun zorgverleners.
  • Inventariseren van de verwachtingen, behoeften, ervaringen en kennis met betrekking tot (het bespreken en aanbieden van) cz bij patiënten met borstkanker en zorgverleners in drie ziekenhuizen: interviews bij patiënten en zorgverleners.
  • Inventariseren van het huidige aanbod aan (evidence-based) cz in Nederland en daarbuiten: a) een review van gepubliceerde review studies naar de effectiviteit van cz-interventies bij kanker, b) een overzicht van het actuele cz-aanbod in Nederland op basis van internet searches, en c) een survey onder complementaire zorgverleners.
  • Ontwikkelen van een cz-toolbox voor patiënten en zorgverleners om cz te kunnen bespreken.
  • Pilotstudie rond acceptatie, het gebruik, de effectiviteit en implementatie van de COMMON cz-toolbox in de drie participerende ziekenhuizen.

Zie ook: www.nivel.nl

Duur: 2020-2024

Projectpartners: Nivel Van Praag Instituut Universiteit van Leiden Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) Borstkankervereniging Nederland (BVN/BOOG/PAG) Stichting IKONE Kanker.nl V&VN Complementaire Zorg Rijnstate Ziekenhuis Alexander Monro Ziekenhuis Máxima Medisch Centrum

Publicaties:

  • Mentink M, Noordman J, Busch M, van Vliet L, Timmer-Bonte JA, van Dulmen S. Towards an open and effective dialogue on complementary medicine in oncology: protocol of patient participatory study ‘COMMON’. BMJ Open. 2021 Oct 20;11(10):e053005. doi: doi.org/10.1136/bmjopen-2021-053005. PMID: 34670766; PMCID: PMC8529983.
  • Mentink MDC, van Vliet LM, Timmer-Bonte JANH, Noordman J, van Dulmen S. How is complementary medicine discussed in oncology? Observing real-life communication between clinicians and patients with advanced cancer. Patient Educ Couns. 2022 Aug 17:S0738-3991(22)00386-X. doi: doi.org/10.1016/j.pec.2022.08.007.
OCK-II

OCK-II is het vervolg op het project ‘Keuzehulp Complementaire zorg voor kinderen met kanker’. Van 2014-2017 hebben het Louis Bolk Instituut en het Van Praag Instituut, in samenwerking met de Vereniging Kinderkanker Nederland (VKN) en de Taakgroep Supportive Care van SKION, de keuzehulp complementaire zorg voor pijn bij kinderen met kanker ontwikkeld. Wetenschappelijke kennis tot en met 2016 werd beoordeeld op kwaliteit met de GRADE-methode. Hieruit bleek dat het bewijs hoog is voor hypnotherapie bij pijn bij kinderen met kanker en laag voor massage, aromatherapie en creatieve therapie. Volgens de meeste studies zijn deze complementaire zorginterventies veilig. Internationale experts op het gebied van kinderen en kanker gaven aan dat ze naast deze interventies in de klinische praktijk ook positieve ervaringen hadden met ademhalingstechnieken, energetische methoden, biofeedback, en antroposofische zorg.

In het huidige project OCK-II wordt de keuzehulp geactualiseerd met nieuwe kennis over complementaire zorg bij pijn en tegelijkertijd uitgebreid naar andere klachten zoals vermoeidheid en misselijkheid. Daarnaast is het nodig om de keuzehulp op een duurzame manier te implementeren, zodat de informatie ook daadwerkelijk blijvend door zorgprofessionals en ouders benut wordt en onderhouden blijft in de toekomst. Tenslotte wordt ernaar gestreefd de resultaten te verwerken in een richtlijn.

Zie ook: www.complementairezorg-vokk.nl

Duur: 2022-2023

Projectpartners: Louis Bolk Instituut Van Praag Instituut NAFKAM Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie Supportive Care Groep

Publicaties:

  • Jong MC, Boers I, van Wietmarschen H, Busch M, Naafs MC, Kaspers GJL, Tissing WJE. 2020. Development of an evidence-based decision aid on complementary and alternative medicine (CAM) and pain for parents of children with cancer. Supportive Care in Cancer. 28: 2415-2429.